Huidige stand

Stand vandaag de dag

De grootste waarde van vitamine D is tot de laatste 5 jaar vooral het voorkomen van zachte botten en een verminderde calcium opname. De laatste 5 jaar zijn er echter grote verschuivingen geweest in onze inzichten over vitamine D. Niet langer bekijken we vitamine D alleen vanuit de botten, maar vooral vanwege alle andere effecten. Om die reden is de voorheen gehanteerde normwaarde in het bloed van 20 nmol/l niet langer gangbaar. Inmiddels is die ondergrens bijgesteld naar 50 nmol/l. De optimale bloedwaarde voor vitamine D is nog steeds onderwerp van discussie, alhoewel vrijwel alle vitamine D experts neigen naar een waarde van boven de 75 nmol/l.

Groot gedeelte van de bevolking heeft een tekort

In de afgelopen 5 jaar is wel duidelijk geworden dat een groot deel van de bevolking een tekort heeft. daarvoor zijn een aantal oorzaken.

Allereerst heeft dat natuurlijk te maken met de verhoging van de ondergrens. Deze is inmiddels 2,5 keer hoger dan voorheen. Dat betekent dat burgers die vroeger tussen de 20-50 nmol/l zaten nu ook als een tekort worden geclassificeerd. Het is echter veel te gemakkelijk om dit als enige verklaring aan te wijzen. Immers we hebben geen gegevens van de jaren ’50 over de waarden bij grote groepen burgers. Het is aannemelijk dat in die tijd de bloedwaarden veel hoger waren dan tegenwoordig. Er zijn immers nog twee redenen waardoor het vitamine D gehalte in de laatste decennia is gedaald:

Levertraan

Levertraan werd gemaakt van de levers van kabeljauw en schelvis. Daarbij bestonden er twee vormen, de zuivere vorm en een onzuivere vorm. Vooral die laatste vorm werd verkocht en had een wat ranzige smaak. Dat was de vorm die de meeste mensen zich herinneren. De zuivere vorm had die smaak niet, maar was veel duurder. Beide vormen kenden een andere samenstelling dan de huidige levertraancapsules. De hoeveelheid vitamine D per lepel was vele malen hoger, maar helaas gold dat ook voor het vitamine A.
De exacte datum waarop de ouderwetse levertraan werd afgeschaft is niet duidelijk, maar is ergens in de jaren ’60. De afschaffing is niet abrupt, maar geleidelijk. Het ouderwetse levertraan verdwijnt uit de kruidenierswinkel en wordt ingenomen door druppels of tabletten met een vastgestelde hoeveelheid vitamine D. Enerzijds had dat te maken met de vaak te hoge vitamine A hoeveelheden in levertraan. Anderzijds met de regelgeving en vaststelling van Aanbevolen Dagelijkse Hoeveelheden. Ten slotte werd levertraan nogal eens verward met walvistraan, dat inderdaad van walvisspek werd gemaakt en diende als grondstof voor margarine, maar niets met levertraan had te maken.

De afschaffing heeft er wel toe geleid dat de dagelijkse hoeveelheid vitamne D die de gemiddelde Nederalnder innam dramatisch daalde, zonder dat dit gecompenseerd werd.
Die afschaffing zonder compensatie is onlogisch, omdat de reden van levertraan toevoegng, namelijk een te geringe zonkracht in de zomer, niet wijzigde.

Zonadvies

Kort na deze onlogische stopzetting kwam er een tweede advies dat de verlaging van onze vitamine D niveau’s helemaal verergerde. We mochten niet meer zonnen en als we dat dan toch deden dan het liefst met een chemische sluier van anti-zonnebrand crèmes. Dit advies was de nekslag voor een gezond vitamine D niveau.
Het advies werd gegeven omdat UVB in proefdieren leidde tot een verhoogde kans op huidkanker. Dat werd nog eens bevestigd door de situatie in Australië en Nieuw Zeeland, waar veel blanken een verhoogd risico liepen op huidkanker.
Er zijn over dat advies wel wat kanttekeningen te maken.Allereerst is het volstrekt onlogisch om de situatie in Australië te gebruiken voor adviezen in Europa en Noord Amerika. Immers de betrokken Australiërs zijn immigranten, vooral Engelsen. Hun genetische achtergrond is niet geschikt voor Australië, net zo min als de negroïde genetische achtergrond geschikt is voor Europa. Het is alsof we onderzoeken of struisvogels door de kou op de Noordpool eerder dood gaan. Als dan blijkt dat deze tropische vogel daar niet tegen kan adviseren we vervolgens alle struisvogels in Australië het hele jaar een dikke jas te dragen. Of nog erger, we adviseren de ijsberen ook een jas te dragen. Dat doen we inmiddels namelijk bij onze allochtone bevolking.
Dat is wat we doen als we Australische gegevens gebruiken voor adviezen in Europa. Het heeft ertoe geleid dat we de zon zijn gaan mijden of ons dichtsmeren met anti UVB crème.

En daar komt het tweede probleem. Het advies heeft niet mogen baten. Ondanks het feit dat we al ruim 25 jaar dit zon-mijdende gedrag vertonen heeft het niet geleid tot een verlaging van het aantal huidkanker gevallen. Sterker nog, er is nog steeds sprake van een toename. Mogelijk dat toch andere factoren een rol spelen en een daarvan zou wel eens de andere bekende voeding tekorten kunnen zijn. Vooral jodium, vitamine C en foliumzuur tekorten komen nog steeds in ruime mate voor in juist de welvarende landen.

Ten slotte staat het zonmijdende advies haaks op de vaststelling dat de zonkracht tot dan te gering was om een voldoende vitamine D niveau te garanderen. Dat was immers de reden om alle vitamine D suppletie programma’s wereldwijd op te starten. De zon is in die periode niet sterker geworden, de winters zijn nog steeds even lang en het is niet zo dat de hele bevolking gaat overwinteren in Spanje. Kortom een volstrekt onlogisch en niet te volgen advies, zonder aanvullende maatregelen om het vitamine D te garanderen. Dat laatste gebeurde, toen het zonmijdende advies werd gegeven, helaas niet.

Het zonadvies is ingetrokken en gewijzigd

Inmiddels heeft ook het kankerinstituut dertig jaar later ingezien dat het advies onlogisch en onvoldoende wetenschappelijk was. We mogen inmiddels weer zonnen als we maar niet verbranden. Een waarheid die beter bekend staat als grootmoeders wijsheid. De reden waarom we toch mogen zonnen? Omdat we anders te weinig vitamine D aanmaken en een groot risico lopen op een tekort. Is dat dan erg? Volgens het kankerinstituut wel, we lopen dan een groter risico op het krijgen van allerlei ziekten, zoals ontstekingsziekten en vormen van kanker (oa darmkanker). Dankzij een onjuist en onlogisch advies hebben we dus dertig jaar lang een verhoogd risico gelopen op die ziektebeelden, die in die periode inderdaad gestegen zijn. Met een beetje logisch nadenken hadden we dat kunnen voorkomen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *